← Alle insights
Energy·Jul 20, 2026·6 min leestijd

Dynamisch energiecontract na de salderingsregeling — reken het écht door

Zonder saldering wordt het uur waarop je stroom teruglevert ineens belangrijk. Waarom een dynamisch contract voor de één winst oplevert en voor de ander geld kost — en hoe je het per klant doorrekent voordat je iets belooft.

Met de salderingsregeling maakte het niet uit wanneer je stroom terugleverde: elke teruggeleverde kilowattuur werd één-op-één weggestreept tegen een afgenomen kilowattuur, tegen je vaste tarief. Vanaf 2027 verdwijnt die streep. Het uur waarop je levert en het uur waarop je verbruikt worden ineens twee verschillende getallen — en precies daar zit het hele verhaal van het dynamische energiecontract.

Waarom 'dynamisch' voor de één wint en voor de ander verliest

Een dynamisch contract rekent per uur af tegen de marktprijs. Zonnepanelen leveren het meest rond het middaguur — precies het moment waarop half Nederland ook levert en de prijs richting nul of negatief zakt. Je afname zit 's ochtends en 's avonds, als de prijs juist hoog is. Zonder batterij of sturing verkoop je dus goedkoop en koop je duur. Dat is de asymmetrie die de meeste verkoopgesprekken overslaan.

  • Hoog zelfverbruik overdag (thuiswerker, warmtepomp, EV die overdag laadt): dynamisch wint vaak, omdat je de dure avonduren omzeilt.
  • Klassiek verbruiksprofiel (overdag leeg huis, piek 's avonds): dynamisch zonder batterij kost geld ten opzichte van een vast contract.
  • Met thuisbatterij of slimme sturing: het profiel kantelt — je schuift levering naar de dure uren en dynamisch wordt bijna altijd de betere keuze.

Één ding staat wel vast en het wordt in vrijwel elk verkoopgesprek overgeslagen: teruglevering wordt na 2027 niet gratis. Tot 1 januari 2030 moet de leverancier minstens 50% van het kale leveringstarief betalen — het tarief zonder energiebelasting en btw — en de ACM ziet daarop toe. Hoe dat minimum uitpakt op een contract waarvan de prijs per uur verschilt, schrijft de toezichthouder niet uit; dat is dus een vraag voor de leverancier en niet iets wat je uit een folder haalt. De terugleverkosten die leveranciers apart bij zonnepaneeleigenaren in rekening brengen blijven bestaan, en wat er ná 1 januari 2030 geldt is niet vastgelegd.

Het contracttype bepaalt ook hoe je vergoeding mag bewegen

Vast, variabel of dynamisch gaat over meer dan de prijs die je klant betaalt. Het bepaalt ook wanneer zijn leverancier de terugleververgoeding mag aanpassen. De ACM zet het per contractsoort op een rij:

  • Vast tarief: de leverancier mag de terugleververgoeding niet wijzigen. Doet hij het toch, dan kan je klant dat bij de ACM melden.
  • Variabel tarief: de vergoeding kan veranderen, vaak op vaste momenten. Dat mag alleen als het duidelijk in het contract of de algemene voorwaarden staat, en de leverancier moet je klant minimaal 1 maand van tevoren informeren over de nieuwe tarieven.
  • Dynamisch tarief: de vergoeding hangt af van de actuele stroomprijs en kan per kwartier of per uur verschillen.

Voor je doorrekening betekent dat: op een vast contract is de vergoeding een gegeven voor de looptijd, op een variabel contract een getal dat per aankondiging kan verschuiven, en op een dynamisch contract een reeks die je per uur moet meenemen. Reken het dynamische scenario dus nooit door met één vergoeding per kWh.

Het punt is niet dat dynamisch goed of slecht is. Het punt is dat het antwoord per huishouden verschilt, en dat je het niet uit een brochure kunt halen. Je moet het doorrekenen met het echte verbruiksprofiel van de klant en realistische uurprijzen — niet met het jaargemiddelde dat elke aanbieder in zijn folder zet.

Reken een scenario door met de salderings-ROI-calculator →

Drie dingen die je vastlegt vóór je een dynamisch contract aanraadt

  • Het verbruiksprofiel per uur, niet per jaar. Een klant met 3.500 kWh kan twee totaal verschillende contracten nodig hebben, afhankelijk van wánneer die 3.500 kWh valt.
  • De aanname over toekomstige uurprijzen. Reken minstens één pessimistisch scenario door — negatieve middagprijzen worden structureler, niet minder.
  • Wat er verandert bij een warmtepomp of EV binnen drie jaar. De helft van je klanten verschuift straks van profiel, en het advies van vandaag moet die verschuiving overleven.
Een dynamisch contract is geen product dat je verkoopt. Het is een uitkomst die je uitrekent — en de installateur die dat eerlijk laat zien, wint de klant die twijfelt.

De aanbieders die na 2027 vertrouwen opbouwen, zijn niet degenen die 'dynamisch' als slimme upsell in elke offerte plakken. Het zijn degenen die per klant laten zien wanneer het níét de moeite waard is. Dat kost je een paar makkelijke deals — en levert je de klant op die je concurrent met een standaardverhaal kwijtraakt.

Het gesprek dat hierbij hoort: wat je klanten nu moeten horen →

Wat ik hier niet beweer

Ik noem geen bedrag per kWh en geen besparing in euro's: die hangen af van het profiel van je klant en van prijzen die niemand vooraf kent. De 50% is een minimum tot 1 januari 2030, geen tarief, en hoe dat minimum uitpakt op een uurprijs schrijft de ACM niet uit. De terugleverkosten staan daar los van en verschillen per leverancier. Welk contract of welke leverancier je klant moet kiezen, zeg ik niet; de ACM geeft dat advies zelf ook niet.

◉ Plan een blueprint-gesprek →
LiveAMS —Net stabiel2027 · —dv1.0
◐ Geluid uit⌘K